Zorg én welzijn kunnen niet zonder elkaar

De loopbaan van Astrid Moss (50), begeleider welzijn bij woonzorgcentrum Gaza in Harmelen, is beslist geen rechte lijn en liep langs vele wegen. Ze was zoekend, vertrok op haar 18e zelfs als au pair naar Amerika en had daarna tal van banen. Maar als begeleider welzijn, een functie die ze sinds drie jaar uitvoert, voelt ze zich als de spreekwoordelijke vis in het water.

Dat ze in de zorg wilde, wist ze al jong. ‘Op de middelbare school al, misschien zelfs wel eerder. Ik begon aan een studie MDGO VZ in Utrecht, maar was destijds een pittige puber. Leren was op dat moment niet aan me besteed.’ Ze belandde in banen als kinderbegeleider en schoonheidsspecialiste. Haar loopbaan bij  woonzorgcentrum Gaza begon Astrid als facilitair medewerker, vervolgens ging ze in de keuken aan de slag. ‘Ik werk nu al 20 jaar bij Gaza en ben me altijd blijven ontwikkelen. Toen ik begon als welzijns- en activiteitenbegeleider bood mijn leidinggevende mij een opleiding aan. En vorig jaar rondde ik de opleiding Maatschappelijk werk af. Nu ik 50 ben, heb ik de baan gekregen die het hélemaal voor me is!’

Ze vraagt een bewoner of hij zin heeft in wat spieroefeningen. Daar is hij wel voor te porren. Even later zit het tweetal met gewichtjes in de hand tegenover elkaar. Astrid weet de sfeer er al snel in te krijgen, de lol spat eraf. ‘Welzijn is zó belangrijk! Als iemand goed in zijn vel zit, gaat het lichamelijk ook goed. Ik heb heel zinvol werk.’

‘Ik voel me hier als een vis in het water.’

In de ochtenden is ze alleen, maar ’s middags krijgt ze ondersteuning van een gastvrouw of een begeleider welzijn. ‘Samen zorgen we er dan voor dat de bewoners het naar hun zin hebben. We organiseren tal van activiteiten, met een groep of individueel. Waar mensen blij van worden? Als we naar buiten gaan, lekker wandelen. Dat tovert een glimlach om hun gezicht. Maar ze genieten óók vooral van de persoonlijke aandacht die ze krijgen.’ Astrid vertelt over een bewoonster van 98, die niet meer kan zien.

Zij vindt het fantastisch om het fietslabyrint te doen. ‘Elke ochtend vraagt ze: Astrid, gaan we weer fietsen? De Vrienden van Gaza hebben de route van Harmelen gesponsord. Samen met een bewoner hebben we een prachtige route gemaakt langs mooie en herkenbare plekken in Harmelen. Als de slechtziende bewoonster op het apparaat zit, zeg ik bijvoorbeeld: We fietsen nu op de Oude Gracht. En dan ziet ze het beeld van die plek in haar gedachten voor zich. Prachtig toch!’

‘Bij Gaza doen we het samen.’

De afgelopen twee jaar hebben we veel nieuwe bewoners gekregen met een grote zorgvraag. Daarmee wordt ons werk ook belangrijker. We willen ons inzetten voor hun welzijn. Daar bloeien mensen enorm van op.’ Ze benadrukt dat ze dit werk niet alleen doet. ‘Bij Gaza doen we het samen. We hebben hier een aardige club en realiseren ons dat Zorg én Welzijn er allebei moeten zijn. Die twee kunnen niet zonder elkaar.’

Voor Astrid is het duidelijk dat dit de baan is die precies bij haar past. ‘Maar ik wil me nog wel blijven ontwikkelen hoor! Ik zou graag een cursus volgen om meer verdieping in de ziekte Alzheimer te krijgen. Je weet immers nooit wat er nog op je pad komt.’